Enschede's eerste bombardement 04-08-1940

Voortsweg, Enschede, Nederland
4-8-1940

 “ Er gaat geen nacht voorbij of er trekken Engelse vliegtuigen over de stad. Duitsland krijgt het zwaar te verduren”. Ook de inwoners van Enschede lagen angstig in bed. Ze hoorden vaak ontploffingen, veel mensen kwamen uit bed om te kijken waar het lawaai vandaan kwam.

Op 24 juni 1940 vielen er bommen op Hengelo, een paar dagen later, op 27 juni, horen de Enschedeërs bommen op Oldenzaal vallen. De mensen werden steeds banger, ze vroegen zich af wanneer de eerste bommen op Enschede zouden vallen, dit gebeurde op 4 augustus 1940. Op zondag 4 augustus schreef J.G. Schurink het volgende in zijn dagboek:

 “ Vannacht omstreeks half één is er een zware bom gevallen ongeveer 50 meter van ons huis, zodat we allen uit de eerste slaap zijn opgevlogen en in paniek naar beneden zijn gehold met de kinderen bij ons. Even later kwam het luchtalarm en zijn we met een paar families naar de schuilkelder gegaan. Er waren veel engelse machines hoog in de lucht en er straalden tientallen zoeklichten in het rond. Ruim een uur hebben we in de schuilkelder gezeten voor het veilig signaal klonk. De bom is gevallen tussen en Traast en Scholten op de Voortsweg. Verder weten we nu om vier uur in de nacht nog niet.

Vanaf het licht worden ben ik er op uitgegaan. Vanaf Nijhof liep ik door de glasscherven, die bij duizenden op de trottoirs liggen. Er zijn vijf bommen gevallen, waarvan er vier zijn ontploft. Eén midden op de Voortsweg tegenover nr. 91, en drie vlak naast elkaar in de tuin van Kamst op nr. 87. Achter het huis is het een ruïne van omgevallen muurwerk en gaten in de muren van de bommenscherven. De hele straat is afgezet bij Nijhof en Scholten. Er komen al vele kijkers in de morgenuren. We zitten allen nog vol schrik over het gebeuren”.

Uit: Wiegman, T.(1985) , “Enschede 1940-1945”, Enschede: Van de Berg

Het was nacht tijdens het eerste bombardement op Enschede. Vandaar dat er ook niemand op straat liep, waardoor er geen mensen gewond raakten. Van ongeveer 50 huizen in de buurt waren de ruiten kapot en de dakpannen beschadigd. Vier huizen waren na het bombardement niet meer bewoonbaar, in de woning die het zwaarst getroffen was waren gelukkig geen bewoners aanwezig. Hier waren de glasscherven dwars door de slaapkamers heen gevlogen, de bedden die daar stonden zaten dan ook vol met glasscherven en splinters. De fabriek van de firma Gebroeders Enschede werd ook ernstig beschadigd. In de tuinen achter de huizen van de Roomweg en de Voortsweg lagen nog een aantal blindgangers. Op 16 augustus rond een uur of vier in de middag, probeerden vier Duitse militairen deze niet ontplofte bommen onschadelijk te maken. Bij één van de bommen ging er echter iets fout. Die bom ontplofte en hierdoor werd de buurt opnieuw opgeschrikt door een harde knal. De vier Duitsers waren meteen dood, van de gebroeders Johan en Gerard Enschede, die aan het kijken waren bij het onschadelijk maken van de bom, werd Johan Enschede ook dodelijk door de bom geraakt. Zijn broer Gerard was levensgevaarlijk gewond geraakt en overleed een paar dagen later op 21 augustus. Opvallend was dat de kranten helemaal niks hadden geschreven over dit ongeluk, je zou toch zeggen dat een ongeluk waarbij zes doden vallen wel in de krant staat.

De andere bommen die waren blijven liggen aan de Voortsweg en de Roomweg werden nu voorzichtiger onschadelijk gemaakt. Dit werd gedaan door een Nederlandse geniekapitein, dit is iemand die veel weet over het onschadelijk maken van bommen. De Duitsers waren erg bang voor dit soort klussen, vandaar dat zij liever een laag beton over de onontplofte bommen gooiden. Na de oorlog hebben Nederlandse militairen deze bommen op verschillende plaatsen in de stad verwijderd.