De Joodsche Raad Enschede

Prinsesstraat 14, Enschede, The Netherlands
-10-1943

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden de Duitse nazi’s een aantal Joodsche Raden opgericht, in zo’n raad zaten hooggeplaatste joden. De Joodsche Raad in Enschede  verzette zich tegen de nazi’s, en heeft hier ook succes mee gehad. 

Wat is een Joodsche Raad?

Vanaf 1942 werden door de Duitse bezetter ook kinderen, ouderen en zelfs zieke mensen naar de kampen overgebracht. Veel joodse mensen wouden onderduiken zodat ze niet meegenomen zouden worden door de Duitsers, maar de Joodsche Raden in Nederland raadden dit af. Deze raden, waarin belangrijke Joodse mensen zaten, moesten van 1941 de maatregelen van de Duitsers uitvoeren. Het hoofdbestuur zat in de hoofdstad Amsterdam. De Joodsche Raden moesten van de Duitsers onder andere helpen bij het uitzenden van joden naar concentratiekampen.

De Duitsers gaven aan hoeveel joden er mee moesten en de raad mocht dan de namen zelf invullen. Dit betekende dus dat de Joodsche Raad samenwerkten met de bezetter en dat zij bepaalden welke joden gedeporteerd zouden worden. Op deze manier hoopte de Joodsche Raad controle te houden op de beslissingen van de Duitsers. De leden van de raad dachten dat de Duitsers anders helemaal hun gang konden gaan en dat dit nog ergere gevolgen kon hebben voor de joodse bevolking.

De Joodsche Raad Enschede

Deze drie hoeden op de onderstaande foto staan symbool voor de 3 leden van de Joodsche Raad. Dit is de enige foto die van hun “samen” gemaakt is. De linkse hoed is die van Sig Menko, de middelste van penningmeester Isedoor van Dam en de rechtse hoed is van secretaris Gerard Sanders.

                                drie_hoeden

                                               Bron: www.joodscheraadenschede.nl

Deze foto is laten maken door Cecile Kanteman, een medewerkster van de Joodsche Raad. De foto moet genomen zijn op een dag dat alle drie de leden in de synagogeaan het werk waren. De synagoge aan de Prinsestraat nummer 14 in Enschede, bestaat nog steeds en wordt ook wel de sjoel van Enschede genoemd. Sjoel betekent synagoge in het joods (Jiddisch). 

Sig Menko was de voorzitter van de Joodsche Raad in Enschede. Hij was een bekend persoon, hij was directeur van N.J. Menko, een grote textielfabriek in Enschede,. Verder was hij ook nog eens de voorzitter van de Hogere Textielschool en zat hij in de gemeenteraad van Enschede. In 1930 werd hij voorzitter van de joodse gemeenschap en later in 1933 ook van het Comité Duitsche Vluchtelingen. Dit Comité gaf steun aan mensen die op de vlucht waren voor de Duitse nazi’s. In oktober 1941 werd dit Comité veranderd in de Joodsche Raad Enschede. Sig Menko dook onder in 1943, maar werd verraden en kwam samen met zijn vrouw Emmy in kamp Westerbork terecht. Via kamp Westerbork moest hij naar kamp Theresiënstadt. Uiteindelijk hebben Menko en zijn vrouw de oorlog wel overleefd.

Gerard Sanders was de secretaris van de Joodsche Raad, met hem liep het slecht af. Hij kende de joodse gemeenschap het best en gaf vaak de namen door van de joden die moesten onderduiken. Toen de Joodsche Raad werd opgeheven in 1943, omdat alle joden toen weg moesten zijn, werd hij opgepakt toen hij op weg was naar zijn onderduikadres. Waarschijnlijk is hij verraden. In maart 1945 overleed hij, door uitputting in het kamp Gross Rosen in Duitsland.

Isedoor van Dam was een textielfabrikant van de firma M. van Dam & Zonen. Hij was erg bekend onder de joodse mensen. In 1933 werd hij penningmeester van het Comité Duitsche Vluchtelingen, wat dus in 1941 de Joodsche Raad werd. Isedoor van Dam mocht samen met zijn vrouw het concentratiekamp Westerbork verlaten. Daarna is hij ondergedoken en heeft de oorlog uiteindelijk overleefd.

Samen met de hulp van enkele moedige stadsgenoten zoals dominee Overduin, Frits Buitenbos, Dries Nijenhuis en nog een aantal anderen, heeft de Joodsche Raad Enschede ervoor gezorgd dat een derde van de Enschedese Joodse stadsgenoten gered zijn.

Voor meer informatie over de Joodsche Raad Enschede zie www.joodscheraadenschede.nl