Verduistering


8-5-1944

Een belangrijke taak van de luchtbeschermingsdienst (L.B.D.) was het controleren van de verplichte verduistering. Verdwaalde geallieerde piloten zagen soms Nederlandse steden aan voor Duitse steden. Daardoor werden getroffen: Enschede, Nijmegen, Arnhem en Hengelo. Vanwege de luchtoorlog was Nederland daarom 's nachts verduisterd. Verlichte steden konden dienen als oriëntatiepunten voor de geallieerde vliegtuigen. Iedere burger had daarom de plicht zijn vensters af te schermen, zodat er geen straaltje licht naar buiten kwam.

Medewerkers van de L.B.D liepen 's nachts op straat om te controleren of ze ergens licht zagen. Voor gewone Nederlanders is het dan 'spertijd'; dit betekent dat het verboden is om op straat te zijn. Mensen van de luchtbeschermingsdienst mochten juist wel de straat op. Veel verzetsmensen zijn lid geweest van de L.B.D,of deden net alsof, om zo ook in spertijd naar buiten te kunnen.

In het eerste nummer van het mededelingenblad van de Luchtbeschermingsdienst Enschede, 8 mei 1944, staat het volgende stukje over de verduistering geschreven:

Gelukkig is het in ons blok met de verduistering nog niet zo slecht gesteld; alleen zouden wij nog eens speciaal de aandacht willen vestigen op het feit dat het nog te vaak voorkomt dat b.v. de straatdeur geopend wordt zonder dat het licht in de hal of gang wordt gedoofd; ook des nachts als er vliegtuigen zijn hebben wij dit herhaaldelijk opgemerkt; verder is vaak het raam in de voordeur verlicht wanneer een kamerdeur op hal of gang geopend wordt. Wilt u hier nog eens opletten?"